Bubbles voor Keizerslanden

Close-up van de kunstof bollen in de bubbledeck vloer van Wijkvoorzieningencentrum Keizerslanden

In de wijk Keizerslanden in Deventer verrijst sinds september een wijkvoorzieningencentrum (WVC) aan het Wezenland, naast de toekomstige doorgaande weg naar Steenbrugge. Dit multifunctionele gebouw is een belangrijk onderdeel van de stedelijke vernieuwing die de wijk momenteel ondergaat. Daarnaast zal het gebouw ook een brugfunctie voor de sociale integratie van Keizerslanden met de nieuwbouwwijk Steenbrugge vervullen.

Het gebouw staat met een voet in het park.

Onder het dak van WVC Keizerslanden vestigen zich twee basisscholen, een peuterspeelzaal, kinderdagopvang, buitenschoolse opvang, een Centrum voor Jeugd en Gezin, een sportvereniging, en fitness ruimten. Met het centrum beschikken de bewoners van Keizerslanden en Steenbrugge straks over één centrale voorziening voor en onderwijs, kinderopvang, jeugdzorg en sport. Dit wordt ook nog aan gevuld met culturele activiteiten voor jongeren, zoals een muziekschool en cultureel centrum.

Sociale duurzaamheid stond centraal tijdens het ontwerpproces – en niet alleen op stedenbouwkundige schaal. Hoe kan de open samenwerking tussen verschillende gebruikers bevordert worden? En hoe kan het gebouw zodanig ontworpen worden dat het zonder structurele aanpassingen met veranderende gebuikerswensen en gebruikers kan meegaan?

De centrale hal kan door gebruikers flexibel ingevuld worden.

Het wijkvoorzieningen centrum wordt een maatschappelijke spil, die de buurt, de kinderen en hun ouders met elkaar in contact brengt. Het gebouw is bereikbaar vanaf alle zijden en elke gebruiker heeft een eigen ingang, naast dat er een centrale hoofd entree is. Onderlinge samenwerking en relaties tussen de verschillende instanties die het centrum zal huisvesten, speelt een belangrijke factor in het ontwerp.

De ontwerp methode van RAU is er op gericht om voor elk gebouw tot een creatieve oplossing te komen die op de gebruiker toegesneden is. In een serie van gesprekken draagt RAU alternatieve oplossingen aan voor de verschillende wensen en/of knelpunten. Door deze benadering kan in een aantal sessies een resultaat bereikt worden waarin de gebruikers een maximale inbreng hebben voor hun gebouw. Dit betekent dat elk project een maatpak is die in samenspraak ontwikkeld wordt. Het werkt erg stimulerend om te merken dat gebruikers door het ontwerpproces meer bij elkaar gebracht worden, en enthousiast worden van het resultaat.

De ruime buitenspeelplekken bieden een veilige speelomgeving voor kinderen.

Het samenbrengen van organisaties binnen een gebouw brengt een tendens tot schaalvergroting. Dat staat op gespannen voet met de wens om kinderen een overzichtelijke leefwereld te bieden. Hiervoor is bij dit project de oplossing gezocht in een grove twee-deling, waar verschil is gemaakt zowel in gebruik, en in volume opbouw. De functies voor kinderen zijn aan de oostzijde geplaatst nabij de ruime buiten-speelplekken. Meer publieke sportfaciliteiten liggen aan de westzijde, naast de doorgaande weg. Een ruime, centrale hal koppelt deze twee delen aan elkaar. Het is de plek voor ontmoeting, waar optredens kunnen plaatsvinden en waar omwonenden terecht kunnen voor activiteiten.

Kleur accenten aan de binnenzijde van het uitstekende kozijn.

Om de eenheid van het centrum te benadrukken is gekozen voor een uniforme bakstenen gevelbekleding, waar aluminium kozijnen in wisselende dieptes uitsteken. De diepte van het kozijn benadrukt de relatie van het interieur met de buitenwereld. Bijzonder kleurgebruik in de ramen geeft een speels element, als aanvulling op de meer zakelijke baksteen. De verlopende kleuren zijn een referentie naar de veelheid van gebruikers, zonder daarmee elke positie specifiek te definiëren.

Naast ‘samenwerken’, is flexibiliteit een sleutelbegrip bij dit project. De diversiteit aan ruimten in het complex biedt iedere gebruiker de keuzemogelijkheid voor zijn activiteiten een geschikte plek te zoeken, uiteraard in onderling overleg. Daarnaast zijn de klaslokalen zo opgezet, dat ze eenvoudig en snel te koppelen zijn aan een gemeenschappelijke ruime voorruimte, waar het onderwijs kan ‘uitbreiden’, en kinderen in groepjes of individueel kunnen werken. Een systeem met open puien en grote schuifdeuren, maakt het toch ook mogelijk om klassikaal les te geven wanneer het nodig is.

De bollenplaat vloer (bubbledeck vloer) tijdens de bouw.

Een belangrijk aspect van de draagconstructie is de Bubbledeck vloer (ook bollenplaatvloersysteem genoemd). Door kunststof bollen op te nemen in de vloer wordt niet alleen minder beton gebruikt, maar kan de vloer ook dunner uitgevoerd worden wat tot een aanzienlijke gewichtsreductie (30-35%) leidt. Dankzij de dunnere en lichtere vloeren kunnen ook ondersteunende onderdelen, zoals wanden, kolommen en de fundering van het gebouw lichter en met minder materiaal uitgevoerd worden. Dunnere vloeren besparen ook ruimte. In het geval van WVC Keizerslanden zijn ook de installaties in de vloeren opgenomen en wordt daarmee in de netto verdiepingshoogte lager dan wanneer deze onder de vloer lopen.

Naast materiaalbesparing is ook goed gekeken naar energiebesparing. Efficiënte installaties zijn hierin van groot belang, maar maximale besparing wordt pas bereikt als het gebouw integraal ontworpen wordt: gebouw en installaties werken nauw samen en ook de gebruikers spelen hierbij een rol. Warmteterugwinning vangt de lichaamswarmte van de gebruikers op en hergebruikt deze elders in het gebouw. De vloerverwarming wordt ook voor de koeling van het gebouw ingezet. Daarom is het systeem gekoppeld aan warmte- en koudeopslag in de grond.

Dankzij de vloerverwarming/-koeling zijn radiatoren en airco overbodig. In radiator- en airco-vrije gebouwen zijn er minder luchtverwervelingen en er zitten minder allergenen en stof in de lucht. De verspreiding van warme en koude lucht is zeer homogeen en tochtvrij. Gebruikers hebben minder last van hoofdpijn en ademhalingsklachten. Het binnenklimaat wordt niet alleen als prettiger ervaren, maar is ook gezonder. Dit is bijzonder belangrijk voor de ontwikkeling van de vele kinderen die elke dag in het gebouw aanwezig zijn.

Overloop met zicht op de centrale hal vanaf de 1e verdieping.

Het streven is een prettige leefomgeving, eenvoudige bediening van installaties, lage exploitatiekosten en lage milieubelasting. Bij een multifunctioneel gebouw met meerdere gebruikers is het de uitdaging dat iedereen er iets van zichzelf in moet terugvinden en het gebouw tegelijkertijd als één centrum ervaren wordt. Het gebouw moet de buurt bovendien meer bieden dan onderwijs alleen. Het is een essentieele bijdrage aan de samenleving, een culturele opgave.

Eind 2010 wordt het centrum in gebruik genomen. Woonbedrijf ieder1 is de ontwikkelaar. Ieder1 en gemeente Deventer worden uiteindelijk gezamenlijk eigenaar.

Een buurtbewoner documenteert door wekelijkse foto’s de voortgang van de bouwwerkzaamheden. De foto’s zijn op zijn blog te zien.

  • Share/Bookmark

Reageer op dit artikel