Bartiméus

  • start: 2006
  • oplevering: 2012
  • bruto vloer oppervlakte: 14700 m2
  • locatie: Zeist
  • functie: zorg, woningen, kantoor en sportvoorzieningen en (speciaal) onderwijs
  • performance: o.a. lage temperatuur verwarming, hemelwaterinfiltratie, fsc hout, geplatoniseerd hout inpandige fietsenstalling, herstel van historische structuren

195_N16_webview

Het nieuwe Bartiméus (blindeninstituut) wordt:’ een woonwijk voor gewone mensen’. Om dat te bereiken zijn drie dingen noodzakelijk: grote conceptuele  helderheid van het structuurplan; ontwikkeling samen met omringende  wijken; en vooral een voortdurend oog voor de beschikbare zintuigen.  Het terrein van Bartiméus is nu nog een doodlopende weg. Dit gaat veranderen. Diverse verkeersstromen nemen bezit van het terrein. Door gezamenlijke speel- en verblijfsplekken zal een functionele verbinding met de omringende wijken ontstaan. Deze beweging naar binnen laat zich spiegelen in een beweging naar buiten: zo kan Bartiméus ook woningen in de wijk gaan beheren.

195_N2_webview

Licht dat je niet kunt zien, kan je misschien wel voelen. Een jaargetijde dat je niet kunt zien, kan je misschien wel ruiken. Diepte die je niet kunt zien, kan je misschien wel horen. De nieuwe indeling gaat uit van rechte lijnen en heldere gebouwen met toegangen in nissen – die het goed beluisteren van de omgeving zeer vergemakkelijken. Op de assen markeren geluidsmonumenten belangrijke punten: zo bevorderen een groot windorgel en kabbelend, ruisend of klaterend water de mogelijkheden tot oriëntatie En de beplanting maakt het jaar zichtbaar in kenmerkende geuren.

Een buitenplaats: van de 15e tot de 20e eeuw een (zomer) verblijf voor de rijke burgers uit de stad. een welgelegen thuis van huis, met een oprijlaan, een park met paviljoen en landerijen. Voor de kinderen die op Bartiméus een zo groot mogelijke zelfstandigheid aanleren,  moet dit een goed bereikbaar ‘thuis van huis’ zijn. Waar gewerkt kan worden, maar ook kan worden genoten. Vol met de rijke ervaringen van het buitenleven. Van formeel en openbaar, naar steeds meer privé.

195_N9_webview

Vanaf de Utrechtseweg het openbare historische park met ‘buiten’ (bestuurszetel). Halverwege het nieuwe paviljoen: het ronde restaurant. Vervolgens het dienstencentrum, school en sporthal. Tussen de woonwijken de woongroepen. Langszij de ontsluitingsweg met parkeren en een centraal (taxi)plein vanwaaruit ook
makkelijk contact kan worden gelegd naar de te bouwen woonwijk. Voor en achter worden door een centrale as – deels langs een rij oude platanen – met elkaar verbonden. Meestromend water markeert in zijn loop de diverse gebouwen. Dwars door het gebied zijn ook fietsroutes aangelegd. De zone met publieke functies ligt zodoende nu centraal tussen de beide woonwijken en kan makkelijk gedeeld worden. De woongebouwen zijn zo opgezet dat ze in vorm aansluiten bij de
naastgelegen wijken.

195_N5_webview

Elk functiegebied is weer ingedeeld volgens het stramien: formele voorkant, het gebouw zelf en de privé buitenruimte eromheen. ‘Een huis aan de straat met een voortuin en een achtertuin.’ De vormgeving van elk gebied is afgestemd op het soort gebruik: een voelbaar andere sfeer. Beschermd wonen is rustig, kleinschalig, besloten en bruin, geurend naar viooltjes met een pad uit houtsnippers. Het plein open beweeglijk en blauw met straattegels.

195_N20_webview

Share